Waarom blijft aanschaf van pv-panelen nog interessant na 2027?
- Kostenreductie en technologische vooruitgang: de prijzen van PV-panelen blijven dalen door technologische verbeteringen en schaalvergroting. Dit betekent dat de investering in zonnepanelen ook in de toekomst rendabel kan blijven.
- Duurzaamheid en milieuwinst: het gebruik van zonne-energie vermindert de afhankelijkheid van fossiele brandstoffen, helpt de CO2-uitstoot te beperken en draagt bij aan een duurzame energietoekomst.
- Energiesubsidies en -regelingen: hoewel sommige subsidies en regelingen veranderen, blijven er vaak financiële voordelen, zoals salderingsregelingen en belastingvoordelen, die het investeren aantrekkelijk maken.
- Energieprijzen en zelfvoorziening: Met de stijgende energieprijzen wordt het steeds aantrekkelijker om zelf energie op te wekken en te besparen op de energiekosten.
Hoe je pv-panelen na 2027 slim kunt gebruiken:
- Zelfconsumptie maximaliseren: gebruik de opgewekte stroom direct voor je huishouden of bedrijf, bijvoorbeeld door slimme apparaten te gebruiken wanneer de zonnepanelen veel energie produceren.
- Opslagcapaciteit vergroten: investeer in batterijopslag om overtollige energie te bewaren voor gebruik op momenten dat de zon niet schijnt.
- Slimme meters en energiemanagement: gebruik slimme meters en systemen die de energieproductie en -verbruik monitoren en optimaliseren.
- Participatie in decentrale energieproductie: overweeg om je zonnepanelen te combineren met lokale energie-initiatieven of collectieven.
Kortom, zonnepanelen blijven een waardevolle investering, vooral wanneer je ze op een slimme manier inzet en onderhoudt, zelfs na 2027
Als u nog geen panelen heeft, zijn er een paar zaken die u na moet gaan:
- Hoeveel elektriciteit verbruikt u per jaar en hoeveel % daarvan wilt u kunnen afdekken met eigen opwekking? (Pak uw elektriciteitsnota’s van de afgelopen jaren er eens bij)
- Is er op het dak van uw woning, in de schuur of in uw tuin plaats voor PV-panelen (meet die plaatsen op en kijk hoeveel panelen u daar kwijt zou kunnen)?
- Is er, daar waar plaats is voor panelen, voldoende zon (geen schaduw op een bepaalde periode van de dag)?
- Kunt u de PV-panelen naar het zuiden richten (kijk eventueel op Google Maps naar uw woning, daar staat een noordpijl bij), of moet u een andere hoek/richting kiezen i.v.m. uw dak? Lees hieronder meer uitleg daarover...
Wat is een PV-zonnepaneel?
PV staat voor Photo Voltaic. Een zonnepaneel/PV-paneel is een paneel dat zonne-energie omzet in elektriciteit.
Er worden fotovoltaïsche cellen op een paneel gemonteerd. Deze zonnecellen zijn meestal gemaakt van silicium, dat uit twee lagen bestaat. Licht laat tussen deze twee lagen elektrische stroom lopen. Daarom heten deze zonnepanelen ook wel fotovoltaïsche cellen en worden ze afgekort ook wel PV-systemen genoemd.
De ontwikkeling van zonnepanelen is in volle gang. Een andere vorm van PV zijn bijvoorbeeld elementen gemaakt met de dunne-laagtechnologie Hierbij wordt gebruikgemaakt van amorf silicium. Deze vorm is goedkoper, maar heeft een lager rendement.
"En er komen in de toekomst natuurlijk nog veel meer soorten op ons af."
Toepassing PV-panelen
Met stroom uit zonnepanelen is het mogelijk rechtstreeks batterijen op te laden voor tuinlampen, radio's, verkeerslichten en nog veel meer. Dit worden "autonome PV-systemen" genoemd. Of wel ‘op zichzelf staande systemen'.
Het PV-systeem dat u regelmatig in Nederland op woningen ziet liggen, is over het algemeen een systeem met een omvormer die de opgewekte gelijkstroom van het paneel omzet naar wisselspanning.
Wisselspanning is de spanning die in Nederland uit ons stopcontact (wandcontactdoos) komt. De omvormer is aangesloten op het installatienet. Apparaten die op dat moment in de woning stroom verbruiken, worden direct bediend en wat dan eventueel nog over is, wordt teruggeleverd aan het energienet via de meter/huisaansluiting.
De meest toegepaste PV-panelen in Nederland:

Mono- en polykristallijne zonnepanelen komen in Nederland het meeste voor. Het gaat hier om zogenaamde kristallijne zonnepanelen, waarbij de zonnecellen gemaakt zijn van silicium. Silicium komt veel voor op deze aarde, vooral in zand. Siliciumzonnecellen zijn er in 2 vormen: zogenaamde monokristallijne zonnecellen en polykristallijne zonnecellen. Het productieproces van de cellen bepaalt of het om mono- of polycellen gaat. De dunne filmpanelen worden vanwege hun lagere rendement minder toegepast in Nederland.
- 14 tot 18 % cel efficiëntie
- 0 tot 5% temperatuur tolerantie
- 25 tot 30 jaar levensduur
- tot 25 jaar opbrengstverwachting
Poly Kristalijn:
- 12 tot 14% cel efficiëntie
- -5% tot +5% temperatuur tolerantie
- 20 tot 25 jaar levensduur
- tot 25 jaar opbrengstverwachting
Dunne Film
- 5 tot 6% cel efficiëntie
- -3% tot +3% temperatuur tolerantie
- 15 tot 20 jaar levensduur
- tot 20 jaar opbrengstverwachting
Polyzonnecellen
Voor de fabricage van polykristallijne zonnecellen wordt silicium gesmolten bij een temperatuur van 1500 graden. Vervolgens vindt afkoeling plaats, waarbij kristallen ontstaan die in feite kriskras door elkaar liggen. Uiteindelijk worden plakjes gemaakt die later in zonnepanelen worden toegepast.
Mono-zonnecellen
Ook bij monokristallijne zonnecellen wordt het silicium gesmolten. Alleen de afkoeling vindt op gecontroleerde wijze plaats, waardoor de kristallen allemaal netjes eenzelfde richting hebben. Daardoor zien de mono-zonnecellen er geordend uit.
Kleur van de zonnecel
Mono-zonnecellen zijn vooral mooier. Ze hebben een donkere kleur, bijna zwart. Polyzonnecellen hebben vaak een blauwe kleur waarbij kristallen zichtbaar kunnen worden. Dit is dan ook de belangrijkste reden waarom mensen voor mono-zonnepanelen kiezen.
Verschil in opbrengst
Het polyzonnepaneel doet het met diffuus (indirect) licht beter; het monozonnepaneel met direct licht. Kijken we naar het Nederlandse klimaat, dan is het verschil in praktijk eigenlijk minimaal.
Verschil in prijs
Polykristallijne zonnepanelen zijn vaak iets goedkoper. Het gaat hierbij over een verschil van circa 10%. Hierbij speelt de kleur van het frame een belangrijke rol. Vaak willen mensen die monokristallijne zonnepanelen kopen ook een zwart frame, zodat een mooi zwart vlak ontstaat. Om het frame zwart te krijgen, wordt het aluminium zogenaamd geanodiseerd Dat is een van de redenen voor de hogere prijs.
Dunne film
De laatste jaren was er een nieuwe techniek in opkomst. Het ging hierbij om de zogenaamde dunne film-zonnepanelen. Deze zonnepanelen liggen het dichtst bij de monokristallijne zonnepanelen, vooral omdat deze in het zwart zijn uitgevoerd. Dunne filmzonnepanelen zijn er weer in 2 uitvoeringen, de zogenaamde CIS (Copper Indium Selenide) EN CISG (Copper Indium Gallium Selenide) varianten. In Duitsland werden deze enkele jaren terug massaal toegepast, echter de ‘terugloop’ daar lijkt nog sneller te gaan dan de opkomst. Men kiest ook daar nu voornamelijk weer voor poly- en monokristallijne panelen om levensduur en rendement. De dunne filmpanelen geven vaak per paneel ook andere voltages per paneel dan de mono- en polypanelen. Daardoor zijn er soms ook andere types omvormers nodig.
PERC-techniek ingebouwd vanaf 2017
In 96% van de zonnepanelen gemonteerd t/m 2015 zitten zonnecellen van silicium. De afgelopen jaren is de verbetering vooral gekomen van productieverbetering. Het maximaal haalbare rendement van siliciumzonnecellen, zonder een trucje te doen, is wel bereikt. Zonnecelfabrikanten zijn dan ook continu op zoek naar technische verbetering. En het leuke is: dat is soms simpeler dan je zou denken. Eerder zagen we dit al bij de simpele techniek van LCR-busbars. De volgende stap die zonnecelfabrikanten nu massaal maken, heet de PERC-technologie.
PERC is de afkorting van "Passivated Emitter Rear Cell". Zoals de naam al doet vermoeden, zit de innovatie aan de achterzijde van de zonnecel. Bij een conventioneel zonnepaneel is aan de achterzijde van de zonnecel een aluminiumfolie aangebracht. Deze aluminiumfolie zorgt voor een goede geleidbaarheid van de stroom die in de zonnecel wordt opgewekt. Omdat een zonnecel maar 2 mm dik is, schijnt er veel zonnestraling door de zonnecel heen, direct op het aluminiumfolie. De folie absorbeert deze straling. Dat is natuurlijk jammer, omdat deze straling niet bijdraagt aan het opwekken van energie. Met de nieuwe PERC-technologie wordt een extra laag tussen de zonnecel en de aluminiumfolie aangebracht, de zogenaamde PERC-laag. Deze laag zorgt ervoor dat binnenvallende straling van de zon wordt teruggekaatst in de zonnecel en dan alsnog een bijdrage kan leveren aan het opwekken van energie. Daarnaast is de zonnecel door het aanbrengen van de PERC-laag in staat om een breder spectrum van het zonlicht te absorberen.
De PERC-technologie zorgt met de lichtval dus voor meer opbrengst. En dat is mooi, want hoe meer energie er uit de zonnecel gehaald wordt, hoe beter. Maar het heeft ook nog een ander voordeel. Er wordt minder zonne-energie omgezet in warmte. Hoe warmer een zonnecel wordt, hoe minder deze gaat presteren. Een normale zonnecel geeft 0,4% minder rendement per graad dat deze warmer wordt. Het nadeel is dat als de zonnecel minder rendement heeft, de energie weer omgezet wordt in warmte. Met als gevolg... je raadt het al: minder rendement. Een vicieus cirkeltje. PERC-techniek geeft ook bij bewolkt weer, als er geen directe zonnestraling is, een beter rendement.
Vrijwel elke fabrikant bouwt langzaam maar zeker zijn productielijnen om. Nagenoeg elk polyzonnepaneel boven de 260 Wp en elk monozonnepaneel boven de 270 Wp gebruikt deze techniek. Het is dus een kwestie van tijd voordat elk zonnepaneel uitgevoerd wordt met PERC-technologie.
Voordelen van Perc-techniek:
- Een hogere efficiëntie (19 tot 20% rendement)
- Werkt op een breder spectrum zonne-straling
- Lage productiekosten
U ziet: de techniek staat niet stil en steeds is er wat rendementsverbetering te behalen.
Een belangrijk onderdeel in de PV-installatie is de omvormer; vooral de juiste keuze is belangrijk.
Het vermogen van een omvormer dient afgestemd te zijn op de totale capaciteit van de zonnepanelen. De capaciteit van zonnepanelen wordt aangeduid met de eenheid WP. Dit betekent dat onder ideale omstandigheden (5 °C) een bepaald vermogen wordt afgegeven. Echter, wij halen in Nederland nooit deze ideale omstandigheden. Het vermogen van de omvormer mag dus lager liggen dan de capaciteit in WP (Wattpiek) van uw zonnepanelen. Voorbeeld: Op een installatie met 2200 WP kan prima een omvormer van 2000 Watt. Als de zonnepanelen niet ideaal op het zuiden gericht zijn, kan soms nog wel een kleinere omvormer aangeschaft worden.
In de regel wordt gekozen voor een omvormer die 20% kleiner en maximaal 10% groter is dan het totaalvermogen in WP van de zonnepanelen. Maar laat uw installateur even een berekening maken op basis van de praktijksituatie. De hellingshoek, plaats in Nederland en oriëntatie ten opzichte van het zuiden bepalen daarbij mede welke omvormer u nodig heeft.
Voorbeeld: stel dat u 12 POLY-panelen van 275 Wattpiek op uw dak gaat leggen, totaal wordt dat dus 12 x 275 = 3300 Wattpiek. Uw omvormer zal dan, bij panelen op het zuiden gericht, liggen tussen een type van (0,8 x 3300=) 2640 WP (max) en (1,1 x 3300) 3630 WP (max) Maar in Nederland kiest u dan dus liever een 2640 WP (max) dan een 3630 WP (max)-omvormer! Een omvormer heeft namelijk ook een bepaald werkingsgebied; onder een bepaalde zonopbrengst zal de omvormer uitschakelen. Dit werkingsgebied is meestal een percentage van het maximale. Als u een omvormer aan de kleine kant kiest, zal percentagegewijs de omvormer dus langer kunnen leveren.
Gedeeltelijke schaduw
Alleen als u last heeft van een gedeeltelijke schaduw over de panelen, is het soms verstandig om op een andere manier te werk te gaan. In een aaneenschakeling van panelen is namelijk de zwakste schakel van grote invloed. Eén paneel dat veel minder levert, beïnvloedt ook de levering van de andere panelen.
- Mogelijkheid 1: Door een aparte lus (string) te maken van zonnepanelen die op een bepaald moment gelijktijdig in de schaduw komen te liggen. Daarvoor moet u wel kiezen voor een omvormer met meerdere trackers. Een tracker optimaliseert namelijk het vermogen van een lus. Bij de eigenschappen van omvormers staat altijd aangegeven hoeveel trackers de omvormer heeft. Let wel: per lus dient u meestal wel een minimaal aantal zonnepanelen aan te sluiten, anders krijgt de omvormer te weinig vermogen om zijn werk te kunnen doen.
- Mogelijkheid 2: Elk paneel een eigen omvormer geven (ook wel power optimizer of micro-omvormer genoemd). Elk paneel levert dan onafhankelijk van de andere panelen zijn bijdragen. Deze mogelijkheid is m.b.t. aanschaf een duurdere oplossing.
U kiest dan ook alleen voor deze oplossingen bij gedeeltelijke schaduwmogelijkheid. Vaak is daar op een dak geen sprake van.
Opbrengst van PV-panelen per jaar in Nederland

Wij gebruiken bovenstaande afbeelding om de theoretische opbrengst per jaar te bepalen.
Voorbeeld: We monteren 12 panelen van elk 290 wattpiek op een dak van een loods met een helling van 28º
De richting van het dak valt tussen Zuid-Oost en Oost-Zuid-Oost.
Boven in de cirkel zien we graden staan van 10º tot 90º op een lijn die rondloopt. Dat is de hellingshoek waaronder de panelen
worden gemonteerd / gericht. Daarnaast zien we de verdeling van Noord, Oost, Zuid en West.
We plaatsen nu een teken bij het punt hoe onze panelen in dit voorbeeld zijn gemonteerd.
Dat is dus bij 28 º tussen ZO en OZO. En we kijken dan in welke kleur dit valt.
In dit geval is dit midden in een oranje vlak. Oranje is een vlak van 90 tot 95% opbrengst, zie we op de kleurenschaal links.
Omdat de stip in het midden valt van een oranje vlak, gaan we ook in het midden zitten tussen 90 en 95%, dus 92,5%
Factor richting en helling = 0,925
Dan is er nog een 2e percentage dat we gebruiken, en dat is een vaste factor van 95% (omvormfactor
Factor omvormer is 0,95
Dan volgt nu de berekening van de te verwachten opbrengst:
12 panelen x 290 Wattpiek = 3480 Wattpiek
We vermenigvuldigen deze nu met beide factoren 3480 WP x 0,925 x 0,95 = 3058
De te verwachten jaaropbrengst van deze 12 panelen is totaal 3058 kWh (kiloWatt/uur) per jaar.
U kunt dit voorbeeld volgen met uw eigen situatie of te maken situatie.
Je kan van beide factoren natuurlijk ook één factor maken, in dit voorbeeld: 0,925 x 0,95 = 0,878
Het totaal aantal Wattpiek x 0,878 in dit voorbeeld is het te verwachten aantal kWh per jaar.
Die 3058 kWh per jaar kun je niet door 12 delen en stellen dat je per maand 254,8 kWh opwekt.
In de zomer is er meer zon en zijn de dagen langer. De verhouding van opbrengst per maand is in Nederland:

Hier zie je dus dat, als we het voorbeeld aanhouden, in januari maar 3,6% van de jaaropbrengst valt.
Met andere woorden: er komt in januari ca. 110 kWh van het dak in dit voorbeeld.
Terugverdientijd PV-panelen voorbeeld
Wij betaalden voor de 12 MONO-panelen uit bovenstaand voorbeeld, inclusief omvormer, € 4800,--
In dit geval hebben we ze zelf geplaatst met hulp van vrienden; de montage was dus gratis. De installateur vroeg 1000 euro voor montage.
Wat is de terugverdientijd van dit voorbeeld bij zelfmontage?
- Kosten 4800,--
- Opbrengst per jaar 3058 kWh x (onze elektraprijs) € 0,23 = € 703,-
- 4800 : 703 = 6,8 jaar. Daarna gaan we verdienen.
Terugverdientijd van dit voorbeeld, inclusief montage
- Kosten 4800 + 1000 = 5800 euro.
- Opbrengst per jaar 3058 kWh x (onze elektraprijs) € 0,23 = € 703,-
- 5800 : 703** = 8,2 jaar. Daarna gaan we verdienen.
Bovenstaand is slechts een voorbeeld!
Bereken met bovenstaande methode de opbrengst, vraag een offerte aan, neem die prijs van aanschaf, zoek op wat u per kWh betaalt en bereken uw terugverdientijd. Of wel het tijdstip vanaf wanneer u gaat verdienen.
** Let op: dit terugverdienmodel gaat uit van het zgn. salderen. Tot 2020 is het salderen nog van kracht in Nederland; daarna zal het waarschijnlijk stapsgewijs verdwijnen.
Salderen = verbruik wegstrepen tegen opbrengst.
Salderingsregeling vanaf 2027
Vanaf 2027 is salderen niet meer mogelijk.
Voorbeeld energiefactuur met PV-panelen
Als energie-ambassadeur krijgen wij regelmatig de vraag hoe men om moet gaan met de stroomrekening na het plaatsen van pv-panelen Soms is het niet duidelijk wat het verbruik aan elektriciteit is, wat uit het net aan energie is onttrokken en wat teruggeleverd is.
Aan de hand van een praktijkvoorbeeld:
(hoekwoning van 100 m² / bouwjaar 1965 / nageisoleerd en voorzien van dubbelglas)
Een gezin (met slimme meter in de woning) ontving onderstaande jaarfactuur van zijn energiemaatschappij:
(Een slimme meter is een meter die data kan versturen naar de leverancier, waardoor deze dagelijks uw verbruik kan inzien. Een slimme meter is ook voorzien van een teller voor teruglevering.)
Het verbruik uit het net:

De persoon van deze rekening heeft geen 'nachttarief'-afspraak met de maatschappij.
De meter registreert overigens het verschil tussen dag- en nachtlevering wel.
Totaal verbruik elektra op de factuur is 1033 kWh + 1278 kWh = 2311 kWh
Totaal verbruik aardgas op de factuur is 1331 m³ gas
--
Even later ontving deze persoon onderstaande nota betreffende aan het net teruggeleverde stroom door de PV-panelen

De slimme meter heeft genoteerd voor teruglevering: 1970 kWh + 784 kWh = 2754 kWh teruggeleverd aan het net.
Nu is de vraag: hoeveel energie heeft dit gezin (2 personen) geconsumeerd aan elektra?
Om daarop te kunnen antwoorden, moeten we ook nog weten wat de pv-panelen hebben opgebracht gedurende dit 'factuurjaar'. Deze gegevens zijn uit te lezen op de zgn. omvormer(s) van de panelen.
Bovenstaande consument heeft op het dak van zijn woning 12 PV-panelen gemonteerd, maar ook nog 4 panelen op het dak van zijn garage. Voor het gemak en mogelijke uitval van een omvormer heeft deze consument 2 oude elektrameters (voor 'n paar tientjes gereviseerd te koop op het internet) gemonteerd tussen de omvormer en de elektra-aansluiting op de huisinstallatie. Elk jaar bij het doorgeven van de 'eindstand' voor de energiejaarafrekening schrijft hij voor zichzelf de stand van deze meters op.
De 12 panelen op het dak hadden dit jaar geleverd: 2818 kWh
De 4 panelen op de garage hadden dit jaar geleverd: 1083 kWh
Totaal dus zelf opgewekt: 2818 kWh + 1083 kWh = 3901 kWh
Dan nu antwoord op de vraag: hoeveel elektra heeft dit gezin dit jaar gebruikt/geconsumeerd?
Van de PV-panelen is gekomen 3901 kWh
Daarvan zijn teruggeleverd aan het net: 2754 kWh
Dat betekent dat 3901 kWh - 2754 kWh = 1147 kWh tijdens de opwekking direct van de panelen naar een 'gebruiker' in de woning is gegaan. (koelkast / diepvries / enz. enz.)
Uit het net opgenomen (op factuur): 2312 kWh
Direct van de panelen af verbruikt: 1147 kWh
Dit gezin heeft dit jaar dus 2312 + 1147 = 3459 kWh verbruikt/geconsumeerd.
Met pv-panelen vind je het echte elektriciteitsverbruik dus niet direct terug op je jaarafrekening!
Voor de geïnteresseerde: nog even deze installatie onder de loep genomen:
Op het dak van de woning liggen 12 stuks Poly PV-panelen van 240 Wattpiek van het merk Jiansu
Totaal dus 2880 Wattpiek. De panelen liggen ongeveer 45 graden schuin naar ZWW (Zuidwestwest) gericht.
De opbrengst tijdens bovenstaand factuurjaar was 2818 kWh.
De 'Watt piek methode factor' was dus 2818 (geleverd) : 2880 (Watt piek opstelling) = 0,978 Wat goed is te noemen!
(Omvormer Solvia Delta 2.5)
Op het dak van de garage liggen 4 stuks mono-PV-panelen van 275 Wattpiek van het merk Yingli
Totaal dus 1100 Watt piek. De panelen liggen ongeveer op 35 graden schuin naar ZWW (Zuidwestwest) gericht.
De opbrengst van dit bovenstaand factuurjaar was 1083 kWh
De 'Wattpiek-methodefactor' was dus 1083 (geleverd) : 1100 (Wattpiekopstelling) = 0,984 Wat goed is te noemen.
(Omvormer Omnik 1.0 TL)
Daarbij nog vermeld dat in het najaar/winter de panelen op het dak wat schaduw krijgen door bomen aan de overzijde van de straat en in ditzelfde jaargetijde de panelen op de garage in de middag schaduw krijgen door een nabije woning, dit vanwege de dan laagstaande zon.
Terugverdientijd:
De panelen op het dak zijn in 2012 door de bewoner zelf geplaatst en aangeschaft voor totaal: 3.867 euro
De panelen op de garage zijn in 2013 ook door de bewoner zelf geplaatst en aangeschaft voor 1.840 euro
Genoemde bedragen zijn inclusief omvormers en montagemateriaal
Over de aanschaf van 2012 ontving de bewoner toen 580 euro subsidie van het rijk.
Totaaluitgave wordt dan: 3867 + 1840 min 580 = 5.127,- euro.
De opbrengst dit jaar: 3901 kWh x 0,21 euro = 819 euro! **
De voorgaande jaren waren vergelijkbaar met dit jaar.
Aanschaf 5.127 euro : 819 euro per jaar opbrengst = 6,26 jaar
De terugverdientijd is dus 6,3 jaar; na deze tijd is alle opbrengst pure winst.
Als de bank nagenoeg geen rente geeft voor je spaargeld, kun je dat beter investeren in pv-panelen op je dak
Is de aanschaf van deze panelen verstandig geweest?
Laten we eens kijken over een periode van 10 jaar:
Stel dat we het bedrag van 5.127 euro in 2012 op de bank hadden gezet in plaats van uitgegeven.
En stel dat we 2% rente hadden gepakt: ( [ U kent de rente anno 2016? Dan is 2%
5127-5229-5334-5440-5549-5660-5773-5889-6007-6127-6249
(10 jaar rente levert dus na 10 jaar een bedrag op van 6.249 euro) op de bank.
Stel dat de stroomprijs redelijk stabiel blijft en we elk jaar 819 euro van ons dak halen en deze jaarlijks op de bank zetten
819 op de bank maakt na 1 jaar: 819 x 1,02 (rente) + 819 van het dak is: 1654 euro
na 2 jaar: 1654 (x 1,02 met rente) + 819 (weer aan stroom van dak gekomen) = 2506 euro
na 3 jaar: 3375,-
na 4 jaar: 4262,-
na 5 jaar: 5166,-
na 6 jaar: 6088,-
na 7 jaar: 7029,-
na 8 jaar: 7989,-
na 9 jaar: 8967,-
na 10 jaar: 9966,- op de bank! + PV-panelen op het dak die nog wel iets langer mee kunnen.
Met andere woorden: de aanschaf van de PV-panelen was een slimme keuze!
Een andere ervaring, van een energie-ambassadeur met zonnepanelen:
Een van onze energie-ambassadeurs zag dat er elke dag kauwen of kraaien onder zijn zonnepanelen vlogen. Toen hij poolshoogte ging nemen, bleken er door deze vogels hele stapels met takken onder de panelen te zijn aangebracht als nesten.
Gelukkig was het nog geen broedtijd en konden de nesten worden verwijderd zonder de vogels iets aan te doen. Nest onder PV-panelen zorgt ervoor dat er geen of weinig ventilatie meer is, waardoor de temperatuur van de panelen kan oplopen, wat ongunstig is voor de stroomopbrengst. Maar nog erger... wat als een vogel aan de kabels gaat knabbelen en er ontstaat een sluiting?
Met de droge takken en ander nestmateriaal in de buurt zou brand kunnen ontstaan.
Een oplossing werd bedacht: na alle takken onder de panelen te hebben weggehaald, is 10 cm hoog ‘muizengaas’ aan de panelen aangebracht, waardoor er nu geen vogels meer onder kunnen.

foto boven: vogelnest van een kauw of kraai onder PV-panelen
foto onder: Na het verwijderen van de nesten (nog voor de broedtijd) is met zelftappers / zelfborende schroeven gaas aan de buitenkant van de panelen aangebracht, op de foto dus aan de onderkant van dit paneel (aan de dakgootkant). Op de hoeken tussen de panelen is het gaas gebogen, zodat de vogels niet makkelijk het gaas tussen twee panelen kunnen wegbuigen.

Mag een PV-paneel over een ventilatie- of rioolontspanningsleiding (be- en ontluchting) zitten?
Ja, dat mag. Er zijn zelfs speciale pannen voor bedacht die niet rechtstreeks tegen het paneel uitmonden.
voorbeeld:

(Afbeelding EBS)
De hoeveelheid 'rioolgassen' die bij een woning vrijkomen uit een ontspanningsleiding is zeer gering.
Aantasting van de panelen door deze gassen wordt zo goed als uitgesloten.
Bij een uitmonding van ventilatie kan er natuurlijk wel vet en stof onder je panelen komen, maar ook dat in geringe maten.
Stel dat je een lange uitmonding hebt, waarover geen panelen passen, dan kun je dus bovenstaande pan gebruiken.
Dit kan ook naast de panelen. Doordat deze pan laag is, heb je geen schaduwwerking van een pijp op je panelen.
Noot: Bij zgn. indakpanelen, niet op het dak maar in het dak gemonteerd, kan dit natuurlijk niet.
Er moet een vrije ruimte zijn tussen het dak en de panelen. Wat ook beter is voor het rendement van de panelen.
©Energieambassadeurs
-Energiecoach-

♦maandag 14 september 2026


